DK106 Het Groot Beemster Bosch Middenweg 3

 

DK106

In 1612 werd bij de verloting van de Beemster grond onder de investeerders de Dijkkavel 106 toebedeeld aan Jacques de Velaer voor 5 morgen en Thomas Marijnsen voor 15 morgen. Een jaar later kocht Marijnsen de 5 morgen, zodat hij de hele kavel bezat. Thomas Marijnsen was koopman te Haarlem. Hij liet er een huis bouwen. In 1624 werd de kavel met het huis geschat op ƒ 9000. Hij bezat toen ook de nabijgelegen BK81 die op ƒ 6000 werd getaxeerd. Bij de verkoop van beide kavels door zijn inmiddels hertrouwde weduwe in 1629 brachten ze maar liefst ƒ 31.000 op. Ze werden gekocht door Barbara Berwijns, weduwe van Pieter Bodaert, en Cornelia Rombouts, dochter van Pieter Rombouts en Cornelia Berwijns. In 1637 werden op verzoek van de Staten van Holland het landbezit van niet-Hollanders getaxeerd waarbij de helft van Cornelia, wonende te Middelburg, met het huis werd geschat op ƒ 8850.

 

Sedert 1644 was de kavel in bezit van Gerrit, Reijnier en Jan Otsz, broers te Hoorn. Samen met hun vader Otto Reijndersz Hinloopen de Oude hadden zij een handelshuis in Hoorn.

 

Gerrit Otsz Hinloopen Reijnder Otsz Hinloopen Gerrit Otsz Hinloopen en Reijnder Otsz Hinloopen (Rijksmuseum)

 

Bij een verdeling van de nalatenschappen van Otto en Reijnder in 1662 werd de DK106 toebedeeld aan Jan Otsz Hinloopen. In 1684 vererfde het huis met land op zijn dochter Margaretha Hinloopen. Zij verkocht het direct aan Jacob Pietersz Groot (†1719), schepen en weesmeester van Hoorn. Hij verwierf in 1687 ook de helft van de naastgelegen DK105. Na zijn dood verkochten zijn erfgenamen het huis met bijna 30 morgen land voor ƒ 21.332,10 aan Nanning van Foreest.

 

dk106_nanning_van_foreest

Mr. Nanning van Foreest (1682-1745) was de tweede zoon van Jacob van Foreest. Na de dood van zijn oudere broer Dirk kwam hij in de vroedschap van Hoorn. Hij werd tienmaal tot burgemeester gekozen. Hij was ook bewindhebber van de VOC kamer Hoorn. In 1715 werd hij hoofdingeland van de Beemster. Hij trouwde in 1706 met Debora Amerentia Compostel, de oudste dochter van de Enkhuizer burgemeester Jacob Compostel, die aan de Neckerweg in de Beemster een buiten bezat. Zij stierf een jaar later in het kraambed. Nanning bleef achter met een dochtertje.

 

Mr. Nanning van Foreest (Stedelijk Museum Alkmaar)

 

Later nam hij de wees geworden kinderen van zijn broer in huis. Pas na de dood van zijn dochter in 1728 hertrouwde hij, met Jacoba de Vries. Ze kregen negen kinderen. In 1742 viel hem samen met zijn neef Cornelis de nalatenschap van de rijke Alkmaarse familie Van Egmond van de Nijenburg ten deel. Nanning verkreeg daarbij onder andere de heerlijkheden Petten en Nolmerban. Hij gold in zijn tijd als rijkste man in Hoorn. Zijn nalatenschap bedroeg ruim 1,2 miljoen gulden. Nanning van Foreest staat in het verpondingsregister van 1733 als eigenaar vermeld. Het “plaisirhuijs” werd daarin aangeslagen voor ƒ 12, wat duidt op een vrij klein huis of een heerschapskamer. Zijn acht nog in leven zijnde kinderen verdeelden in 1753 de nalatenschap, waarbij zoon Jacob van Foreest de “herenhuijsinge met boerenhuis onder een dak genaamd 'Het Groot Beemster Bosch' met land” aan de Middenweg (DK105-106) verkreeg. In 1780 verkocht hij het, daarbij is slechts sprake van een “huijsmanswoning” (boerderij).

 

 

 

Design downloaded from free website templates.