AK1 Kerkzicht Rijperweg 103

In 1612 werd kavel AK1 verloot aan Abraham Boom (1575-1642). Hij was sinds de dood in 1609 van zijn vader Pieter Boom, een van de oorspronkelijke bedijkers, hoofdingeland van de Beemster. In Amsterdam was hij lid van de vroedschap en burgemeester. Abraham Boom was een van de grote investeerders, hij verwierf in totaal 245 morgen grond in de Beemster.

 

Na zijn dood in 1642 erfde zijn zuster Margaretha de Beemster landerijen. Margaretha Boom (1572 - 1650) trouwde met Andries Abeleven. Hun enige zoon was Nicolaas Abeleven, predikant te Benthuijsen buiten Leiden en later in Muiden. Zijn weduwe, Jannetje Jans Koeckebackers, liet in 1664 de drie door haar man van zijn moeder geërfde kavels, waaronder AK1 op haar naam overboeken. Een half jaar later werd na haar dood het grondbezit getaxeerd, waarbij "1 huijsinge met plantagie en 19m. 333r. land bij de kerk (AK1)" geschat werd op ƒ25.421,50. Enkele jaren later verdeelden de vier kinderen de nalatenschap van hun moeder. Zoon Johannes Abeleven verkreeg de kavel AK1.

 

Mr. Johannes Abeleven (1649-1720) verbleef lange tijd in Batavia waar hij lid van de Raad van Justitie was. In de Beemster was hij hoogheemraad en weesmeester. Op 25 februari 1710 verkocht hij het huis met land op AK1 voor ƒ14.470,70 aan Pieter Pietersz Mol, koopman te Jisp. Hij was tevens reder van walvisvaarders. In de doopsgezinde gemeenschap speelde hij een vooraanstaande positie.

 

Na diens dood verdeelden de kinderen Jan en Maritje Mol de erfenis, waarbij Jan de AK1 krijgt. Ook Jan Pietersz Mol was koopman en walvisreder. In de verponding van 1733 is hij de eigenaar van het "plaisirhuijs, boerehuijs en landerijen" die voor resp. ƒ50 en ƒ20 belast werden. Het betrof derhalve een middelgrote buitenplaats.

 

In de jaren 1760 was het huis in bezit van de kleindochter van Jan Mol, Maria Cardinaal (1742-1789). Zij was in 1759 getrouwd met mr. Gualtherus George Gideon van der Mieden, vroedschap en burgemeester van Alkmaar. Maria was goed bevriend met de schrijfster Betje Wolff die 'om de hoek' op de pastorie woonde.

 

In 1806 is het herenhuis met boerderij en land op AK1 vererfd op Pieter Samuel Crommelin als echtgenoot van Vincentia Catharina van Toulon (1769-1843), woonachtig te Haarlem. Zij was eerder getrouwd geweest met mr. Joan Jacob van der Mieden (1765-1800) die het van zijn moeder had geërfd. Als Crommelin en zijn vrouw in 1810 een akte van schuld op dit onroerend goed nemen, is er nog slechts sprake van een boerderij met land. Vermoedelijk is het herenhuis tussen 1806 en 1810 gesloopt.